Expertise
Sinds 1 januari 2026 geldt in België een nieuwe meerwaardebelasting op financiële activa, waaronder ook niet-beursgenoteerde aandelen. Voor ondernemers, aandeelhouders en familiale ondernemingen kan dat een belangrijke impact hebben bij een verkoop, overdracht of toekomstige successieplanning.
Wil je weten wat dat concreet betekent voor jouw onderneming? Dan begint alles bij één cruciale vraag: wat is je onderneming vandaag waard?
De meerwaardebelasting klinkt technisch, maar de impact voor jou als ondernemer is heel concreet. Verkoop je aandelen met winst? Draag je je onderneming op termijn over? Denk je na over successie of familiale planning?
Dan is één element vandaag cruciaal: de waarde van je onderneming op het fotomoment van 31 december 2025. Die waarde bepaalt mee welk deel van je latere meerwaarde belastbaar is. Dat moment ligt intussen achter ons. Maar je kan die waarde nog laten vaststellen en certificeren tot 31 december 2027.
Doe je dat niet, dan riskeer je om terug te vallen op de fiscale standaardmethode*: (4 × EBITDA) + eigen vermogen. En die is in veel gevallen minder gunstig.
Wie vandaag tijdig een onderbouwde waardebepaling laat uitvoeren, vermijdt dat risico en creëert duidelijkheid voor de toekomst. Bij PIA Group zorgen we ervoor dat die waardering wordt uitgevoerd door een onafhankelijke gecertificeerde accountant binnen onze groep. Zo ben je zeker van een objectieve en fiscaal verdedigbare waardebepaling vanuit een gedegen kennis van je onderneming en situatie.
De meerwaardebelasting is een belasting op de winst die je realiseert wanneer je bepaalde financiële activa verkoopt. Denk in de eerste plaats aan niet-beursgenoteerde aandelen, zoals aandelen van een familiebedrijf of kmo.
Daarnaast vallen ook andere financiële activa binnen het toepassingsgebied, zoals aandelen op de beurs, obligaties, fondsen, opties, cryptoactiva, bepaalde verzekeringsproducten en beleggingsgoud.
Eenvoudig gezegd: Verkoopwaarde – waarde op fotomoment = belastbare meerwaarde
De belasting geldt voor meerwaarden die gerealiseerd worden vanaf 1 januari 2026. Voor activa die je al vóór die datum bezat, blijft de historische meerwaarde tot en met 31 december 2025 in principe buiten schot.
Daarom is het fotomoment op 31 december 2025 zo belangrijk: die waarde vormt het referentiepunt voor de latere belasting.
Je moet vooral alert zijn wanneer je als natuurlijke persoon aandelen van je onderneming bezit en die aandelen verkoopt of overdraagt tegen vergoeding.
Typische situaties:
Je verkoopt je onderneming aan een externe partij.
Je verkoopt aandelen aan een medeaandeelhouder.
Je verkoopt aandelen aan de volgende generatie.
Je plant een familiale overdracht waarbij later een uitkoop kan volgen.
Schenkingen en verervingen vallen in principe niet onder een verkoop, maar kunnen later wel gevolgen hebben wanneer aandelen alsnog verkocht worden.
Of je wil gewoon vooruitdenken en nagaan wat de impact van de meerwaardebelasting zou zijn op een mogelijke toekomstige transactie.
Voor “gewone” financiële activa geldt in principe een belasting van 10% op gerealiseerde meerwaarden. Er is ook een jaarlijkse vrijstelling op de eerste €10.000 aan gerealiseerde meerwaarden.
Voor ondernemers met een aanmerkelijk belang geldt een apart regime. Heb je minstens 20% van de aandelen op moment van verkoop? Dan geldt een gunstiger tariefstructuur. De eerste €1.000.000 meerwaarde is vrijgesteld over een periode van vijf jaar, gevolgd door getrapte tarieven.
Speculatieve verrichtingen of verrichtingen buiten het normaal beheer van privévermogen worden doorgaans belast aan 33% (te verhogen met gemeentebelasting).
Meerwaarden gerealiseerd door de verkoop van aandelen aan eigen (of familiaal) direct of indirect gecontroleerde vennootschappen, worden vanaf 1 januari 2026 belast aan een tarief van 33% Speculatieve verrichtingen of verrichtingen buiten het normaal beheer van privévermogen worden, zoals voorheen, belast aan 33% (te verhogen met gemeentebelasting).
Voor aandelen die je al vóór 1 januari 2026 bezat, is de waarde op 31 december 2025 bijzonder belangrijk. Dit fotomoment bepaalt mee welk deel van de latere meerwaarde belastbaar zal zijn.
In grote lijnen:
Verkoopprijs bij latere verkoop - waarde op het fotomoment = potentieel belastbare meerwaarde
Voor niet-beursgenoteerde (kmo-vennootschappen) aandelen is die waarde niet zomaar beschikbaar als een beurskoers. Daarom is een onderbouwde economische waardering essentieel.
Heb je geen onderbouwde waardering? Dan riskeer je om terug te vallen op de fiscale standaardmethode*: (4 × EBITDA) + eigen vermogen. En die is in veel gevallen minder gunstig. In de praktijk leidt die vaak tot een lagere waardering en dus een hogere belastbare meerwaarde. Daarom is het cruciaal om je onderneming correct en onderbouwd te laten waarderen.
Voor zo’n waarderingen geldt bovendien een administratieve deadline: je kan een formeel gecertificeerd waarderingsverslag laten opmaken tot en met 31 december 2027.
De meerwaardebelasting geldt sinds 1 januari 2026.
Meerwaarden gerealiseerd in 2026 moeten worden opgenomen in je belastingaangifte van 2027
Voor niet-beursgenoteerde aandelen heb je tot eind 2027 om een onderbouwde waardering te laten opmaken
Samengevat: de belasting is al van kracht, maar je hebt nog tijd om je waardebepaling correct te laten documenteren.
Die tijd gebruik je best verstandig. Hoe langer je wacht, hoe groter het risico dat je moet werken met onvolledige gegevens of onder tijdsdruk. Wie vandaag al start met een onderbouwde waardering, creëert duidelijkheid en vermijdt onaangename verrassingen achteraf.
De waarde van een onderneming is niet noodzakelijk gelijk aan wat op de balans staat. Een onderneming kan boekhoudkundig lijken, maar economisch veel waard zijn door:
terugkerende omzet;
klantenportefeuille;
knowhow;
winstgevendheid;
groeipotentieel;
marktpositie;
vastgoed of andere activa;
toekomstige cashflows.
In de praktijk zijn er twee manieren om die waarde te bepalen:
De fiscale standaardmethode van de overheid: (4 × EBITDA) + eigen vermogen
Een onderbouwde waardering uitvoeren door een onafhankelijke accountant of expert
Het verschil tussen beide is vaak groot.
Een rekenvoorbeeld zegt meer dan duizend woorden. Stel: u verkoopt uw onderneming in 2028 voor €4.000.000. Welk deel van die opbrengst belastbaar is, hangt af van hoe de waarde op het fotomoment van 31 december 2025 werd vastgesteld. Het verschil tussen de fiscale standaardmethode en een onderbouwde waardering loopt al snel op tot honderdduizenden euro minder belastbare meerwaarde.
De fiscale methode is eenvoudig, maar houdt geen rekening met de specifieke sterktes en toekomst van je onderneming. In veel gevallen leidt dat tot een lagere waardering en dus een hogere belastbare meerwaarde.
Een onderbouwde waardering kijkt wél naar het volledige plaatje. Daardoor ligt de waarde vaak hoger, wat betekent dat je later minder meerwaardebelasting betaalt.
Heb je geen onderbouwde waardering met peildatum 31 december 2025? Dan riskeer je om terug te vallen op de fiscale standaardmethode*.
Die houdt geen rekening met de realiteit van je onderneming en kan zoals eerder vermeld nadelig uitvallen. Met andere woorden: je betaalt mogelijk meer belasting dan nodig bij een latere verkoop, louter omdat je geen waardebepaling hebt laten uitvoeren.
Daarnaast mis je ook:
een onderbouwd vertrekpunt bij verkoop of overdracht
een sterke positie in gesprekken met kopers of familie
duidelijkheid in je successieplanning
Kort gezegd: zonder waardebepaling laat je een belangrijk deel van de fiscale uitkomst over aan een standaardformule in plaats van deze af te wegen aan de economische realiteit.
Een waardering is vaak het startpunt van een goede successieplanning.
Ze helpt om vragen te beantwoorden zoals:
Wat is mijn onderneming vandaag waard?
Wat kan ik schenken?
Wat verkoop ik beter?
Hoe behandel ik kinderen die wel of niet actief zijn in de onderneming?
Welke impact heeft een latere uitkoop?
Hoe combineer ik mijn onderneming met privévermogen of vastgoed?
Wat betekent dit voor mijn pensioenplanning?
Bij familiale planning bekijken we het bredere plaatje. De onderneming staat zelden los van je privévermogen, je gezinssituatie, je bankfinanciering of je vastgoed.
Daarom werken we waar nodig samen met je vertrouwde bank en andere adviseurs. Zo blijft je planning afgestemd op je volledige vermogen, niet alleen op één fiscale maatregel.
De federale meerwaardebelasting is vaak het startpunt van de analyse. Maar bij een verkoop, overdracht of successieplanning stopt het daar niet.
Ook regionale belastingen spelen een belangrijke rol, zoals:
erfbelasting
schenkbelasting
de fiscale behandeling van vastgoed
Zeker wanneer vastgoed deel uitmaakt van je vermogen, kan dat een grote impact hebben op je totale fiscale plaatje.
De meerwaardebelasting geldt sinds 1 januari 2026. Voor niet-beursgenoteerde aandelen is daarbij het fotomoment van 31 december 2025 bepalend. Die waarde vormt het vertrekpunt om later te berekenen welk deel van je meerwaarde belastbaar is.
Belangrijk om te weten: je hoefde die waardering niet noodzakelijk vóór die datum te laten uitvoeren. Maar je moet ze wél achteraf correct kunnen onderbouwen. Daarom is voorzien dat je nog tot 31 december 2027 de tijd hebt om een formeel waarderingsverslag te laten opmaken.
Dat lijkt nog ver weg, maar in de praktijk vraagt een goede waardering tijd. Je moet cijfers verzamelen, de juiste methode kiezen, de context begrijpen en alles helder documenteren. Bovendien wil je vermijden dat je achteraf onder tijdsdruk moet werken of met onvolledige informatie.
Hoe vroeger je start, hoe sterker je staat bij een latere verkoop, overdracht of successieplanning.
De meerwaardebelasting maakt een correcte waardebepaling belangrijker dan ooit.
Wil je weten wat jouw onderneming vandaag waard is? Of wil je voorbereid zijn op een toekomstige verkoop, overdracht of successieplanning?
De meerwaardebelasting is een belasting op de winst die je realiseert wanneer je bepaalde financiële activa verkoopt. Denk in de eerste plaats aan niet-beursgenoteerde aandelen, zoals aandelen van een familiebedrijf of kmo.
Daarnaast vallen ook andere financiële activa binnen het toepassingsgebied, zoals aandelen op de beurs, obligaties, fondsen, opties, cryptoactiva, bepaalde verzekeringsproducten en beleggingsgoud.
Sommige financiële activa zijn expliciet vrijgesteld van de meerwaardebelasting. De voornaamste zijn:
pensioenspaarrekeningen
groepsverzekeringen
contracten langetermijnsparen
Verder is het belangrijk te vermelden dat de eerste schijf van 10.000 euro (aanslagjaar 2027) aan gerealiseerde meerwaarden jaarlijks vrijgesteld is van belasting.
Je moet vooral alert zijn wanneer je als natuurlijke persoon aandelen van je onderneming bezit en die aandelen verkoopt of overdraagt tegen vergoeding. Of de intentie hiertoe hebt.
Typische situaties zijn een verkoop aan een externe partij, een medeaandeelhouder of de volgende generatie.
Het standaardtarief van de meerwaardebelasting bedraagt 10%. Niettemin wordt een gerealiseerde meerwaarde niet automatisch vanaf de eerste euro belast. Er zijn immers verschillende vrijstellingsregelingen van toepassing.
Voor ondernemers met een aanmerkelijk belang gelden specifieke vrijstellingen en getrapte tarieven. De concrete impact hangt af van je situatie.
Voor aandelen die je al vóór 1 januari 2026 bezat, is de waarde op 31 december 2025 bijzonder belangrijk (het fotomoment).
In grote lijnen:
Verkoopprijs – waarde op het fotomoment = belastbare meerwaarde
De waarde van een onderneming is niet noodzakelijk gelijk aan wat op de balans staat.
Factoren zoals winstgevendheid, klantenportefeuille, groeipotentieel, vastgoed en toekomstige cashflows spelen een belangrijke rol.
Vraag vandaag nog een waardering aan.
Dan beschik je niet over een eigen onderbouwde waardering van je onderneming.
Bij een latere verkoop of overdracht zal de fiscus zich baseren op de regels die de wet voorziet.
Een fiscale waardering vertrekt vanuit de formule:
(4 × EBITDA) + eigen vermogen
Een economische waardering kijkt breder naar de werkelijke waarde van de onderneming en houdt rekening met onder meer rendabiliteit, groeipotentieel, activa, vastgoed en toekomstige verwachtingen.
De wet voorziet verschillende mogelijkheden.
een recente transactie;
een contractueel vastgelegde waarderingsformule;
de fiscale standaardmethode.
De fiscale standaardmethode bepaalt de waarde van een onderneming als:
(4 × EBITDA) + eigen vermogen
Deze methode is eenvoudig toe te passen, maar houdt niet altijd rekening met alle economische kenmerken van een onderneming.
De formule houdt geen rekening met factoren zoals:
groeipotentieel;
klantenrelaties;
knowhow;
marktpositie;
toekomstige cashflows.
Daardoor kan de werkelijke economische waarde hoger liggen.
Niet rechtstreeks.
Maar wanneer een economische waardering leidt tot een hogere onderbouwde waarde op 31 december 2025, kan de latere belastbare meerwaarde lager uitvallen.
Nee.
Maar voor ondernemers die een verkoop, overdracht of successieplanning overwegen, is een onderbouwde waardering sterk aangewezen.
Voor niet-beursgenoteerde aandelen kan een formeel waarderingsverslag nog worden opgesteld tot en met 31 december 2027. Wacht niet tot het laatste moment, maar plan het nu al in.
Voor aandeelhouders met een aanmerkelijk belang geldt een aparte regeling.
De verkoper van een aanmerkelijk belang van minstens 20% wordt belast volgens een getrapt tarief. Een meerwaarde tot 1 miljoen euro blijft evenwel vrijgesteld.
Deze vrijstelling geldt per periode van vijf jaar. Een aandeelhouder die na de verkoop minstens 20% van de vennootschap behoudt, kan dus om de vijf jaar een meerwaarde tot 1 miljoen euro realiseren zonder belastingheffing.
Met andere woorden: om van dit gunstiger regime te kunnen genieten, moet je op het moment van de verkoop minstens 20% van de aandelen van de vennootschap in handen hebben.
Ja.
Wanneer je aandelen van een vastgoedvennootschap verkoopt, vallen deze eveneens onder de meerwaardebelasting.
Voor de waardering van aandelen van een vastgoedvennootschap is de wettelijk voorziene waarderingsmethode niet altijd de meest geschikte. De EBITDA van dergelijke vennootschappen is vaak relatief beperkt, terwijl de waarde van het vastgoed een belangrijk deel van de economische waarde van de onderneming vertegenwoordigt. Bovendien ligt de boekwaarde van vastgoed door de toegepaste afschrijvingen vaak aanzienlijk lager dan de werkelijke marktwaarde.
In die omstandigheden kan een economische waardering een accurater beeld geven van de werkelijke waarde van de aandelen. Om deze waardering voldoende te onderbouwen en haar fiscale verdedigbaarheid te versterken, is het aangewezen om een schattingsverslag van het vastgoed te laten opmaken.
Op een schenking van aandelen is geen meerwaardebelasting verschuldigd. Wanneer de begiftigde de geschonken aandelen later verkoopt, kan op dat ogenblik wel meerwaardebelasting verschuldigd zijn.
Dus ook in deze situaties is een waardering belangrijk. De fiscale gevolgen hangen wel af van de concrete situatie en de latere overdracht van de aandelen. Contacteer ons.
Absoluut.
Een waardebepaling vormt vaak het vertrekpunt van een goede successieplanning en helpt bij:
schenkingen;
familiale overdrachten;
uitkoopregelingen;
vermogensverdeling;
pensioenplanning.
Hoewel je nog tijd hebt tot 31 december 2027, vraagt een goede waardering voorbereiding en analyse.
Bovendien wordt verwacht dat de vraag naar waarderingen de komende jaren sterk zal toenemen. Wie tijdig start, beschikt sneller over duidelijkheid en kan toekomstige beslissingen beter voorbereiden.
Deze pagina geeft algemene informatie op basis van de huidige stand van de Belgische wetgeving. De toepassing van de meerwaardebelasting hangt af van je concrete situatie, aandeelhoudersstructuur, verrichting en waarderingsmethode. Laat je daarom altijd persoonlijk adviseren vóór je beslissingen neemt.
*naast de fiscale methode en de waardering door een cijferberoeper, voorziet art. 102, §4, 2° a) en b) WIB92:
a) de waarde gehanteerd bij een overdracht onder bezwarende titel van dezelfde financiële activa tussen volstrekt onafhankelijke partijen, of naar aanleiding van de laatste kapitaalverhoging of van de oprichting van de vennootschap die de laatste verhoging van haar kapitaal die plaatsvond van 1 januari 2025 tot 31 december 2025;
b) de waarde die het resultaat is van de toepassing van een waarderingsformule vastgesteld in een contract of in een contractueel aanbod van verkoopoptie met betrekking tot deze financiële activa dat inwerking is op 1 januari 2026;
Meer weten over onze diensten?
We helpen je graag verder.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief